maandag 21 maart 2011

Schuldsaneringen en werkeloosheid stijgen in Utrecht

Stijging schuldsaneringen zet flink door

In 2010 zijn ruim een kwart meer schuldsaneringen uitgesproken dan in 2009. Vooral in het laatste kwartaal nam de instroom in de wettelijke schuldsanering (Wsnp) duidelijk toe. Hiermee zet de stijging die halverwege 2009 is ingezet, stevig door.

Vooral meer privépersonen

In 2010 zijn door de rechter in totaal ruim 11 duizend schuldsaneringen uitgesproken. Dat waren er bijna 2,5 duizend meer dan in 2009. Het aantal privépersonen dat werd toegelaten tot de Wsnp, liep in 2010 stevig op. In het vierde kwartaal kwam dit aantal ruim 50 procent hoger uit dan een jaar eerder.

De stijging bij de (ex-)ondernemers vlakte in de loop van 2010 juist weer af. Dit aantal neemt al sinds medio 2009 toe en bereikte een hoogtepunt in het laatste kwartaal van dat jaar. Het aantal uitgesproken schuldsa­ne­ringen van (ex-)ondernemers reageert doorgaans sneller op veranderingen in de economie dan dat van privépersonen.

Flevoland: 5 keer zoveel schuldsaneringen als Utrecht
In 2010 kwamen gemiddeld over heel Nederland 87 per 100 duizend inwoners van 18 jaar en ouder in de schuldsanering terecht. Ten opzichte van 2009 valt op dat het aantal schuldsaneringen alleen in Friesland licht is gedaald.

Tussen de provincies onderling zijn enorme verschillen zichtbaar. Waar in Utrecht in 2010 gemiddeld 49 van de 100 duizend inwoners werden toegelaten tot de Wsnp, waren dat er in Flevoland maar liefst 251. Ook in 2009 werden hier, in relatieve zin, verreweg de meeste schuldsaneringen uitgesproken van alle provincies.

Steeds groter deel na afloop schuldenvrij

In 2010 zijn in totaal 13 duizend schuldsaneringen beëindigd. Hiervan eindigde 81 procent met een zoge­naamde schone lei: de rechter scheldt de schuldenaar het resterende deel van zijn schulden kwijt.

Het percentage schuldsaneringen resulterend in een schone lei, is sinds 2005 continu gestegen. Net als in voorgaande jaren beëindigden (ex-) ondernemers in 2010 hun schuldsanering iets vaker met een schone lei dan privépersonen.

Werkloosheid neemt toe - werkloosheid onder jongeren daalt

Werkloosheid in Zuid-Holland het meest toegenomen
In 2010 nam in de meeste provincies de werkloosheid toe. De stijging was in Zuid-Holland het grootst. In de vier grote steden steeg de werkloosheid vooral in Den Haag. De werkloosheid onder jongeren is gedaald in Noord-Nederland en Zuid-Nederland.

Alleen in Drenthe en Overijssel geen toename
Hoewel de werkloosheid in Nederland in de loop van 2010 afnam, was deze gemiddeld met 5,4 procent nog duidelijk hoger dan de 4,8 procent in 2009. In Zuid-Holland steeg het werkloosheidspercentage het sterkst, van 4,8 naar 5,9 procent. Ook in Gelderland en Noord- Brabant was de werkloosheid in 2010 flink hoger. Al­leen in Drenthe en Overijssel nam de werkloosheid niet toe.

Zeeland had in 2010 net als het jaar ervoor de laagste werkloosheid met bijna 4 procent. Groningen had met 6,8 procent opnieuw de hoogste werkloosheid, gevolgd door Flevoland met 6,5 procent en Drenthe en Lim­burg met 6,1 procent.

Werkloosheid hoog in de vier grote steden

In de vier grote steden ligt de werkloosheid als gebruikelijk boven het landelijke gemiddelde. In 2010 was daar 7 procent werkloos, tegen 6,4 procent in 2009. Net als in voorgaande jaren had Rotterdam de hoogste werkloosheid met 8,8 procent. De werkloosheid lag alleen in Utrecht met 5,2 procent onder het landelijke ge­middelde. Van de vier grote steden kende Den Haag de grootste stijging van de werkloosheid, van 5,5 pro­cent in 2009 naar 6,8 procent in 2010. In Amsterdam kwam de werkloosheid in 2010 uit op 6,6 procent, vrij­wel gelijk aan het cijfer van 2009.

Werkloosheid onder jongeren gedaald in het Noorden en het Zuiden

De dalende werkloosheid in de loop van 2010 werd het eerst zichtbaar onder jongeren van 15 tot 25 jaar. In 2010 was de gemiddelde werkloosheid onder jongeren al lager in Noord- en Zuid-Nederland. In Noord-Ne­der­land, waar de werkloosheid relatief hoog ligt, was de afname het grootst. Daar daalde de werkloosheid on­­der jongeren van 13,6 procent in 2009 naar 12,2 procent in 2010. In het Zuiden daalde de werkloosheid in 2010 tot het landelijke gemiddelde onder jongeren: 11,7 procent.

Bron: CBS, maart 2011

dinsdag 15 maart 2011

Weer (ook in Utrecht) meer schuldsaneringen

In 2010 is ruim een kwart meer schuldsaneringen uitgesproken dan in 2009. Vooral in het laatste kwartaal nam het aantal mensen dat via de rechter een schuldsanering kreeg toe. Daarmee zet de stijging die halverwege 2009 is ingezet stevig door. Dat blijkt maandag uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

De rechter sprak vorig jaar ruim 11.000 schuldsaneringen uit, 2500 meer dan in 2009. Vooral het aantal privépersonen dat werd toegelaten tot de Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp) groeide. In het vierde kwartaal lag dit aantal ruim 50 procent boven dat van een jaar eerder.

Ondernemers
 Bij (ex-)ondernemers vlakte de stijging in de loop van 2010 juist af. Dat aantal neemt al sinds half 2009 toe. Het hoogtepunt lag in het laatste kwartaal van dat jaar. Schuldsaneringen van (ex-)ondernemers reageren doorgaans sneller op veranderingen in de economie dan van privépersonen.

Utrecht 
In 2010 kwamen gemiddeld 87 mensen per 100.000 inwoners van 18 jaar en ouder in de schuldsanering. Tussen de provincies onderling zijn enorme verschillen zichtbaar. Zo kwamen in Utrecht gemiddeld 49 van de 100.000 inwoners in de Wsnp, tegen 251 in Flevoland. In 2009 werden in Flevoland ook al de meeste schuldsaneringen uitgesproken van alle provincies.

Schone lei
 Om in de schuldsanering te komen, moet iemand een aanvraag indienen bij de rechter. Het Wsnp-traject voor schuldsanering helpt ruim 70 procent van de schuldenaren aan een schone lei. Vorig jaar kwam aan 13.000 schuldsaneringen een einde. Daarvan bereikte 81 procent de schone lei, waarbij de rechter de schuldenaar het resterende deel van zijn schulden kwijtscheldt. Dat percentage stijgt sinds 2005 doorlopend. Onder (ex-) ondernemers komt het iets vaker voor dan bij privépersonen.

Bron: Zorg en Welzijn, 14-03-2011

woensdag 2 maart 2011

Buurtzorg-formule nu ook in Twente

Zorgaccent & Thuiszorg Noord West Twente voert een reorganisatie door om volgens de methode van Buurtzorg Nederland te gaan werken. Daarbij verliezen tachtig medewerkers bij de ondersteunende diensten en het management hun baan.

Aanleiding voor de reorganisatie is een forse omzetreductie per 1 januari 2010. Van de ene op de andere dag viel circa twintig procent van het budget weg. Dat kwam doordat de uitvoering van de jeugdgezondheidszorg naar de GGD is gegaan en de Twentse gemeenten de hulp in het huishouden vanuit de Wmo bij andere aanbieders inkochten.

Zorgaccent & Thuiszorg Noord West Twente heeft de omzetreductie aangegrepen om het werk fundamenteel anders te organiseren, met minder bureaucratie, minder overhead, minder managers en meer handen aan het bed. De thuiszorg gaat werken zoals Buurtzorg Nederland dat doet: zelfstandige teams van hoogopgeleide verpleegkundigen. De organisatie wil dit jaar en volgend jaar 25 wijkverpleegkundigen aanstellen.

Door de nieuwe werkwijze vallen er wel tachtig ontslagen bij het management en de ondersteunende diensten, omdat de thuiszorgteams het werk zelf organiseren. Daarbij gebruiken ze de ict van Buurtzorg Nederland, “een belangrijke voorwaarde voor succes”, vertelt bestuurder Irma Harmelink. Ze is sinds voorjaar 2010 in gesprek met Buurtzorg-directeur Jos de Blok. “Buurtzorg is voor ons een inspiratiebron. De samenwerking gaat volgens ‘goed naoberschap’, goede buren. De organisaties komen allebei uit Almelo.” In totaal verliezen 15 fte’s managers hun baan.

Ook bij de verpleeg- en verzorgingshuizen wil Harmelink een nieuwe werkwijze invoeren waarin kleine teams veel meer vrijheid krijgen om het werk te reorganiseren. De overgang naar kleinschalige woonvormen moet later dit jaar gestalte krijgen, omdat hiervoor andere huisvesting nodig is.

Bron: Zorgvisie 2 maart 2011